Ministerie van Buitenlandse Zaken

Dutch Diplo Talk

Tekenen van hoop, in een weinig hoopvolle omgeving

25 Apr 2017

Oost-Mosoel en de dorpen rondom die stad zijn veroverd op Isis. De angst voor slapende ISIS-cellen blijft groot. Strijders van Isis hebben zich verschanst in de oude stad van West-Mosoel, waar zij 400.000 mensen vasthouden. Wie weg gaat wordt beschoten en wie blijft wordt als menselijk schild gebruikt. Ondertussen worden drinkwater en voedsel schaars. De wijk ligt vol met landmijnen en andere explosieven. Er is bijna geen militaire strategie denkbaar waarbij er geen extra leed zal worden veroorzaakt. Om een goed beeld te krijgen van de ontwikkelingen in Mosoel reis ik naar het noorden van Irak.

Terug naar huis

Vanuit Erbil rijd ik met de nodige beveiliging naar de oostzijde van Mosoel. Er zijn diverse checkpoints waar een strenge controle plaatsvindt. In de rij zie ik kleine vrachtauto’s, volgeladen met alles wat families nog hebben. Zij hebben voldoende vertrouwen in de veiligheidssituatie in Oost-Mosoel om naar huis terug te keren. Mensen dringen voor, zoals ze dat ook doen bij controles op het vliegveld en in het verkeer gebeurt. Ik kan daar maar niet aan wennen. Niemand anders lijkt zich erover op te winden, het hoort erbij.

Na ongeveer een uur slaan wij af naar Karmanlesh. Tot de komst van Isis was dit een geheel door Christenen bewoond stadje. Bij de verdrijving van Isis is er veel schade aangericht. Bovendien hebben Isis strijders huizen vernield en overal explosieven en mijnen geplaatst. Het is indrukwekkend om door Karmenlesh te rijden. Ik zie geen mensen, geen geiten, geen honden, maar wel zwartgeblakerde muren van huizen en veel puin. Tussen die ellende door is zichtbaar dat dit ooit een aardig stadje is geweest, met geasfalteerde straten en leuke huizen. Het heeft de afgelopen weken nog geregend. Overal staat het gras 50 cm hoog. De vogels fluiten, de zon schijnt, vele gedachten schieten door mijn hoofd.

Bij de eerste kerk die wij zien wacht de in Karmanlesh geboren priester Tobias op mij. Hij reist vanuit Erbil op en neer naar zijn geboortedorp. De kerk en de compound eromheen zijn gecontroleerd op explosieven. Hij geeft me een rondleiding en vertelt over de geschiedenis van Karmanlesh en de kerk. Ineens luiden de kerkklokken, een zo vertrouwd geluid. Tobias vertelt met zachte stem over wat Isis heeft aangericht. Het altaar is stukgeslagen en beschoten. De kogelgaten zijn zichtbaar. Het graf van een collega priester, die in 2009 overleed, is door Isis strijders opengebroken. De kist is eruit gehaald, evenals de mensenlijke resten. De gevolgen van brandstichting zijn zichtbaar. Een mariabeeld heeft een kogelinslag in de nek, de afbeelding van het gezicht is weggekrast. Terwijl de kerkklok luidt lopen wij naar buiten. Tot mijn verbazing komen zeker 100 mensen aanlopen. Het zijn parochianen die vanuit Erbil naar Karmanlesh zijn gereisd om de zondagmis bij te wonen. Onder hen een echtpaar uit de omgeving van Utrecht, dat vloeiend Nederlands spreekt en voor het eerst in 26 jaar het geboortedorp bezoekt.

Veerkracht 

We lopen in stilte in een stoet naar de tweede kerk, waar de mis deze zondag wordt gehouden. Er branden wat kaarsjes op de zwaar beschadigde begraafplaats. De kerk is redelijk onbeschadigd gebleven. In een leeg dorp, volgestopt met explosieven, zijn ineens 100 mensen bijeen in de kerk, om na de mis weer te vertrekken. Mensen hebben enorme veerkracht. De parochianen hopen dat met buitenlandse steun de wederopbouw van hun stadje en hun terugkeer mogelijk wordt. 

Na een hartelijk afscheid bezoek ik ontmijningsspecialisten, die met gevaar voor eigen leven de door Isis achtergelaten explosieven opruimen. Explosieven zijn bewust geplaatst in speelgoed, op kinderspeelplaatsen en in kasten. In de begroeiing zijn dunne draden gespannen, die zijn verbonden met explosieven. Het is een hels karwei om Karmanlesh veilig te maken. De begeleider van een explosievenhond roept een Nederlands commando “blijf”. Nederland exporteert veel explosievenhonden naar Irak.

Deze zondag biedt tekenen van hoop voor de bewoners van Karmanlesh. Het betreft hoop in een weinig hoopvolle omgeving. Minderheden staan onder grote druk. Zullen andere groepen het de mensen uit Karmanlesh gunnen om hun leven daar als Christenen weer op te pakken?

Tranen en trauma’s

Met 20 jongeren voer ik ‘s avonds een levendige en soms emotionele discussie over de situatie in Mosoel. Deze dappere jongens en meiden hebben een vrijwilligersorganisatie opgezet, die spullen inzamelt en zelf aflevert in Oost-Mosoel. Zij nemen geen geld aan, om problemen rondom corruptie te voorkomen. Vele onderwerpen komen aan de orde. Als ik de corruptieproblematiek aan de orde stel barst een jonge vrouw, Zinan, in tranen uit. Zij gaat vrijwel dagelijks naar een ziekenhuis in Mosoel en ziet daar tragische taferelen. Zij zegt tussen haar tranen door dat door corruptie kinderen sterven. Medicijnen en medische instrumenten komen met vertraging aan. Zonder betrokkenheid van de internationale gemeenschap komt het niet goed, aldus Zinan. Iedereen is stil totdat zij tot rust komt.

Ik moet denken aan de jongen die ik een dag eerder ontmoette, toen ik samen met humanitair coördinator Lise Grande van de Verenigde Naties een ontheemdenkamp buiten Mosoel bezocht. Terwijl anderen kinderen enthousiast antwoordden op de vraag wat ze later wilden worden, bleef hij stil. Net als de andere jongens wil hij voetballer worden. Maar door wat hij in Mosoel heeft meegemaakt kan hij niet meer praten. Kinderen werden door ISIS in Mosoel soms gedwongen om met een afgesneden hoofd te voetballen. Herstel van de opgelopen trauma’s zal lang duren, als men er al overheen kan komen.

Isis wordt langzaam verdreven. In Oost-Mosoel keren duizenden mensen terug. West-Mosoel gaat nog zware maanden tegemoet. Er zal even euforie in Irak heersen als Isis uit de stad is verdreven. Vervolgens zijn er vele uitdagingen op de weg naar verzoening, vrede en wederopbouw.

Share Button

About the author

Jan Waltmans
Written by Jan Waltmans

Dutch ambassador to Irak

In 1988 bij het ministerie van Buitenlandse Zaken in dienst getreden en in de eerste fase van mijn loopbaan gewerkt in Ghana, Bangladesh, Soedan en op het departement bij de afdeling Asielzaken en humanitaire hulpverlening. Vervolgens:

2000 - 2002 Plaatsvervangend Chef de Poste in Khartoum

2002 - 2006 Plaatsvervangend Chef de Poste in Lusaka

2006 - 2009 Plaatsvervangend directeur bij de directie Effectiviteit en Coherentie van ontwikkelingssamenwerking

2010 - 2012 Plaatsvervangend Chef de Poste in Kaboel

2012 - 2015 Plaatsvervangend directeur bij de directie Azië en Oceanië