Ministerie van Buitenlandse Zaken

Dutch Diplo Talk

Aankomst in Bagdad

5 Aug 2015

Dutch ambassador to Iraq, Jan Waltmans

Vanuit Istanbul vlieg ik ’s ochtends vroeg naar Bagdad. Terwijl het vliegtuig rustig naar beneden zakt kijk ik op van het uitzicht. De Tigris kronkelt rond en door Bagdad door een relatief groen landschap. Ik had een droog landschap verwacht, zeker in deze tijd van het jaar. Irrigatiekanalen, die loodrecht op de Tigris staan, reiken tot aan de horizon. Terwijl de omgeving van Bagdad ook veiligheidsproblemen kent, wekt het verkeer de indruk alsof dit een land is als elk ander land.

 

Het vliegveld van Bagdad wekt eveneens mijn verbazing. Ruim opgezet, een moderne goed gekoelde aankomsthal en alles keurig gepoetst. Omringd door beveiligers stap ik in voor een eerste rit naar de Internationale Zone (IZ) in Bagdad, waar onze ambassade en vele andere internationale missies en diverse overheidsinstanties zich bevinden. De route van het vliegveld naar de IZ is na de val van Saddam Hoessein jarenlang het gevaarlijkste stuk asfalt ter wereld geweest. Voortdurend werden er aanslagen gepleegd. De laatste jaren is die dreiging sterk verminderd. Een prachtige middenberm, met palmbomen, gras en fontijnen maken een surrealistisch indruk. Wat staat mij te wachten?

 

In Bagdad vliegt de tijd voorbij. De dag begint om 06.00 uur achter de PC en eindigt op dezelfde plek om 22.00 uur. Tussendoor vele afspraken, de manier om ingewerkt te raken en snel de rol te kunnen spelen waarvoor ik hier ben. Scheren, douchen, het raam van de slaapkamer opendoen om de stoffige, warme lucht de boel wat “op te laten frissen”. Daarna een eenvoudig, gezond ontbijt. Ook de rest van de dag weinig zoetigheid. Geen koekjes, Franse kaas, chocolade of chips. Even naar de winkel gaan is er zelden bij, hoewel er in de streng beveiligde Internationale Zone, wel een soort buurtwinkel is. Werken in Bagdad betekent dat je geen stap buiten de poort van de ambassade doet, zonder begeleiding van onze professionele beveiligers.

 

Buiten de zone, gaat het leven van 7 miljoen mensen in Bagdad gewoon door, ondanks de crisis die het land teistert. Zij halen de internationale media niet. De mooie kant van Irak is ondergesneeuwd. De cultuur, prachtige gebouwen, de enorme gastvrijheid van de mensen en het natuurschoon. Nee, het beeld wordt voortdurend bepaald door aanslagen, gruwelijke moorden en mensen die op de vlucht slaan. Die ellende is helaas een realiteit, die ook met Nederlandse steun moet worden omgebogen. Toch gaan in Bagdad, Basra, Najaf, Kerbala en op vele andere plekken in Irak kinderen naar school en storten ouders zich in het drukke verkeer om naar hun werk te gaan. Dat alles in deze periode na een korte, warme nacht. Medewerkers vertellen dat zij ’s nachts op de grond gaan liggen, omdat de warmte niet te harden is. Gemiddeld heeft men een uur per etmaal elektriciteit bij een temperatuur die deze week ’s avonds nog 46 graden was! Slimme handelaren bieden de diensten van hun generator aan. Tegen hoge kosten kan men zo extra elektriciteit kopen. Er zijn mensen die profiteren van een crisis en er geen moeite mee hebben dat de situatie nog een tijdje hetzelfde blijft.

 

Een nieuwe ambassadeur hoort pas overheidsvertegenwoordigers te ontmoeten als de geloofsbrieven zijn overhandigd. Met collega’s Godfried Wessels en Jan-Willem de Wolf bezoek ik het paleis van de president. Het ligt dichtbij de Internationale Zone, aan de Tigris. Na het laatste checkpoint worden we begroet door een donkerblauwe limousine, waarvan de knipperlichten hun werk deden. Alsof we naar een vliegtuig worden gebracht slingerden wij door de paleistuinen. Permanent besproeide grasvelden winnen de strijd tegen de verzengende hitte maar ten dele.

 

Directeur protocol, een vriendelijke dame, wacht ons bij de loper op. Zij geeft ons gedetailleerde instructies over de te volgen procedure. Wie moet waar staan en gaan zitten. Tot drie keer toe maakt zij mij duidelijk dat ik de envelop met twee handen aan President Massoum moet overhandigen en hem daarna pas een hand mag geven. Kennelijk heeft zij al vreemde dingen meegemaakt! Zij geeft ons een toelichting op de geschiedenis van het Paleis. Oedai Hoessein, de oudste en wrede zoon van Saddam Hoessein woonde er tot 2003. Hij heeft er verkracht, gemarteld en mensen vermoord. Het Paleis is bij de val van het regime van Saddam Hoessein in 2003 geplunderd en beschadigd. Inmiddels is het gerenoveerd, eenvoudig maar smaakvol.

Dutch ambassador to Iraq, Jan Waltmans and president Massoum of Iraq

 

De ontvangst in een mooie, hoge zaal is plechtig. Diverse cameraploegen, fotografen en de vice-minister van Buitenlandse Zaken geven het gevoel dat de zaal aardig was gevuld. Er worden geen volksliederen gespeeld, zoals in andere landen meestal wel gebeurt. Na de overhandiging van de geloofsbrieven stel ik mijn collega’s voor en volgt een gesprek van 20 minuten. Evenals andere gesprekspartners roemt de president de Nederlandse landbouwsector. We verlaten het paleis zoals we gekomen zijn. Ik denk aan de televisiebeelden uit 2003 van de plunderende menigte, die met grote vazen en televisies het paleis uitliep. Ondertussen geniet ik ook van dit speciale moment op deze bijzondere plek. Zonder vazen en televisies rijden wij terug naar de ambassade!

 

Share Button
  • 5 Aug 2015, 8:10
  • Posted in Embassy
  • 2 comments

About the author

Jan Waltmans
Written by Jan Waltmans

Dutch ambassador to Lebanon

In 1988 bij het ministerie van Buitenlandse Zaken in dienst getreden en in de eerste fase van mijn loopbaan gewerkt in Ghana, Bangladesh, Soedan en op het departement bij de afdeling Asielzaken en humanitaire hulpverlening. Vervolgens:

2000 - 2002 Plaatsvervangend Chef de Poste in Khartoum

2002 - 2006 Plaatsvervangend Chef de Poste in Lusaka

2006 - 2009 Plaatsvervangend directeur bij de directie Effectiviteit en Coherentie van ontwikkelingssamenwerking

2010 - 2012 Plaatsvervangend Chef de Poste in Kaboel

2012 - 2015 Plaatsvervangend directeur bij de directie Azië en Oceanië

2015 - 2017 Ambassadeur in Irak