Ministerie van Buitenlandse Zaken

Dutch Diplo Talk

Hoop in een polder

25 Mar 2016

Toen ik voor het eerst in de blubber van het vluchtelingenkamp in Bentiu rondliep, kon ik mijn ogen niet geloven. Wát een bende! Wat dóén deze mensen hier? Hutje bij mutje, midden in een door striemende regens volledig ondergelopen modderbende, waar plastic flesjes en ander afval met “latrineproducten” om de voorrang strijden aan het oppervlaktewater. Brrr.
Na het uitbreken van het gewelddadige conflict in het jongste land van de wereld, Zuid-Soedan, zochten tienduizenden mensen, kinderen en families hun toevlucht tot de kampen van de VN-vredesmissie in Zuid-Soedan, UNMISS. De VN verrichtte een heroïsche daad door de poorten van die kampen te openen voor de op drift geraakte bevolking. Zo werd een orgie van geweld voorkomen, Afrika bleef een nieuwe genocide bespaard.

Handel staat niet stil

Maar dat kamp in Bentiu, dat ligt wel op zo’n beetje de meest ongunstige plek die voorstelbaar is. Midden in een moeras. Tijdens de regentijd loopt de hele boel tot kniehoogte onderwater. Wadend door de smurrie zie ik dat mensen provisorische “dijkjes van klei” om hun hutjes proberen te bouwen. Maar water tot kniehoogte… daar is geen houden aan. Een sigarettenverkoper heeft op een “terp” zijn “winkeltje” ingericht. Ook in vluchtelingenkampen wordt stug doorgerookt en de handel staat niet stil… Ik ben verbaasd. Over de situatie en het gevecht van de mensen tegen het water. Maar ook over de vindingrijkheid en veerkracht van mensen. Een sigarenzaak op een terp, hoe verzin je het?
Werken aan ontwikkeling in Zuid-Soedan is geen gemakkelijke opgave. Hopeloos, word je er wel eens van. Voortwoekerende conflicten, stokkende ontwikkeling, gebrek aan alles. Zuid-Soedan is een fragiele staat, zeg maar gerust in vele opzichten een falende staat. Dat is een taaie omgeving, waar de positieve energie niet altijd vanaf spat. En als je dan de mensonterende situatie in een kamp als Bentiu ziet…
Toch zijn er ook momenten waarop de inspiratie wèl komt, dat je blij en dankbaar bent dat je met collega’s en deskundigen uit Nederland het verschil kunt maken. Dat er tóch nog hoop is. We maakten het verschil voor deze ontheemde stervelingen, die huis en haard verlaten hebben op de vlucht voor geweld en onzekerheid. We hebben als Nederland iets aan deze situatie kunnen doen door onze water- en polderkennis in te zetten. Samen met internationale humanitaire partners en andere donoren, én met inzet van Nederlandse expertise hebben we voor deze mensen een klein stukje veiligheid en geborgenheid gecreëerd. Een begin, meer is het niet. Maar, het is een begin en dat inspireert!

Kamp Bentiu uit de lucht

Kamp Bentiu uit de lucht

Droge voeten

Een jaar later is het een raar gezicht om over het Bentiukamp te vliegen. Het is enorm uitgebreid, maar het lijkt wel een Nederlandse polder. Kaarsrechte kanalen, keurige plotjes met standaardonderkomens. Onwillekeurig denk ik aan een Vinex wijk, maar dan anders… Het blijft een vluchtelingenkamp waar mensen nog altijd niet voor hun plezier verblijven. Maar, dankzij onze gezamenlijke inzet hebben ze in elk geval droge voeten en een min of meer fatsoenlijk dak boven hun hoofd. De behoeftenpiramide van Maslow is nog láng niet afgevinkt, maar het is een begin. Er is een beetje veiligheid en er is voedselzekerheid. Voor deze mensen, dan. Nu de rest van het land nog.

Share Button

About the author

Robert van den Dool
Written by Robert van den Dool

Appointed as Ambassador for the Netherlands to South Sudan as from August 2014.

Other recent posts by Robert van den Dool

    • Geen andere posts gevonden

All posts by